Voordat kinderen in groep 3 kunnen gaan leren lezen en schrijven, moeten zij bepaalde basisvaardigheden beheersen, zoals auditieve vaardigheden. Dit wordt daarom ook wel beginnende geletterdheid genoemd.
Zo moeten kinderen kunnen luisteren naar taal: zinnen, woorden en klanken herkennen (fonologisch bewustzijn). Als een kind deze vaardigheden nog niet goed beheerst, kan het later moeilijkheden krijgen met leren lezen. Een kind met sterk fonologisch bewustzijn heeft dus een goede basis om vlot te leren lezen.
Fonologisch bewustzijn groeit later uit tot fonemisch bewustzijn. Dat betekent dat een kind leert luisteren naar losse klanken in woorden. Bijvoorbeeld: horen welke klanken in het woord “kat” zitten: /k/ – /a/ – /t/. Een kind leert klanken apart horen, samenvoegen, uit elkaar halen en veranderen.
Beide vaardigheden gebeuren eerst alleen via luisteren. Er worden nog geen letters gebruikt. Het gaat dus nog niet om lezen, maar om het horen en herkennen van klanken. Vandaar dat het auditieve vaardigheden worden genoemd.
Kinderen die deze basisvaardigheden niet (goed) beheersten, kunnen dus moeite krijgen met het leren lezen/schrijven in groep 3. Een logopedist kan hierbij helpen.
De verschillende auditieve vaardigheden zijn:
- Foneemdeletie
foneemdeletie is de vaardigheid waarmee kinderen fonemen (klanken) kunnen weglaten in woorden en dit in de aangegeven positie. Bijvoorbeeld: ‘Hier hebben we “mat” en als ik de eerste klank weglaat, krijg ik “at”.
- Rijmen
Rijmen helpt het kind om woorden en klanken te herkennen, hetgeen een positieve invloed heeft op de ontwikkeling van de spreek-, taal- en leesvaardigheid.
- Alliteratie (beginrijm)
Alliteratie is het gebruiken van dezelfde beginklank in 2 of meer woorden. Bij deze vaardigheid moet het kind dus 2 of meer woorden met dezelfde beginklank kunnen geven.
- Woorddiscriminatie
Bij deze vaardigheid is het kind ervan bewust dat een zin uit aparte woorden bestaat en kan hij/zij het aantal woorden in een zin discrimineren. Het kind luistert ook naar de betekenis van de woorden en kan een woord met een andere betekenis identificeren.
- Klankdiscriminatie
Het kind hoort fouten in een woord, m.n. een foute klank in een woord. Ook hoort het kind het verschil tussen auditief verwante klanken.
- Auditieve synthese en analyse van syllabes (lettergrepen)
Synthese van lettergrepen is dat je woordstukken/lettergrepen kan samenvoegen tot 1 woord, bijvoorbeeld: ‘kas + teel’ = ‘kasteel’.
Analyse van lettergrepen is de vaardigheid dat je een gegeven woord kan opsplitsen in lettergrepen, bijvoorbeeld: ‘raket’ = ‘ra + ket’. Een extra vaardigheid hierbij is dat je ook het aantal lettergrepen kan identificeren, bv. ‘ra & ket’ = 2 lettergrepen/woordstukjes.
- Onset-rime
Onset-rime is een vaardigheid dat kinderen helpt om woorden te verdelen in kleinere onderdelen. Onset refereert naar de eerste klank(en) in een woord (hetgeen voor de klinker staat) en ‘rime’ refereert naar de klinker en de daaropvolgende klanken die volgen op de ‘onset’.
Bijvoorbeeld Het woord /kat/ → de onset = /k/ en de rime = /at/.
Deze vaardigheid helpt kinderen om patronen te herkennen in woorden.
- Auditieve identificatie
Auditieve identificatie is de vaardigheid om een klank binnen een woord te identificeren en dit in de aangegeven positie (beginklank, middenklank, eindklank).
- Auditieve synthese
Auditieve synthese is het samenvoegen (= synthese) van de gehoorde klanken tot één woord, ook wel “plakken” genoemd. Bijvoorbeeld: s + p + e + l = spel.
- Auditieve analyse
Auditieve analyse is het segmenteren (= analyse) van één woord in aparte klanken, ook wel “hakken” genoemd. Bijvoorbeeld: spel = s + p + e + l.
- Manipuleren van syllabes
Bij het manipuleren van syllabes moet het kind kunnen ‘spelen’ met de lettergrepen van een woord. Het kind moet een gevraagde lettergreep kunnen weglaten of vervangen.
- Foneemdeletie
foneemdeletie is de vaardigheid waarmee kinderen fonemen (klanken) kunnen weglaten in woorden en dit in de aangegeven positie. Bijvoorbeeld: ‘Hier hebben we “mat” en als ik de eerste klank weglaat, krijg ik “at”.
- Foneemadditie
Foneemadditie is de vaardigheid om een aangegeven klank toe te voegen aan een woord om zo een nieuw woord te bekomen. Bijvoorbeeld: ‘Welk woord krijg je als je /r/ voor aap zet?’.
- Manipuleren van fonemen
Het manipuleren van fonemen (klanken) is de vaardigheid dat een klank vervangen wordt door een andere aangegeven klank zodat er een nieuw woord gevormd wordt. Het kind krijgt dus een woord en er wordt aangegeven op welke positie een klank verandert (initiaal, finaal of mediaal) en met welke klank de oorspronkelijke klank vervangen wordt.
- Spoonerisme
Bi spoonerisme verwissel je de beginklanken van beide woorden. Bijvoorbeeld: bal vangen à val bangen.